Dutch 2 chapter 4

The exercise was created 2022-10-23 by TereseH. Question count: 57.




Select questions (57)

Normally, all words in an exercise is used when performing the test and playing the games. You can choose to include only a subset of the words. This setting affects both the regular test, the games, and the printable tests.

All None

  • de vorm the shape
  • het soort the kind
  • de spiegel the mirror
  • de kleidingkast the closet
  • de bureaustoel the office chair
  • de koelkast the refrigerator
  • het nachtkastje the night table
  • het aanrecht the kitchen counter
  • het hout the wood
  • de lade the drawer
  • het wiel the wheel
  • het katoen the cotton
  • de vloer the floor
  • het vloerkleed the carpet
  • vroeger before
  • de omtrek the circumference
  • het ijzer the iron
  • de klemtoon the emphasis
  • het laken the sheet
  • de deken the blanket
  • al already
  • nog still
  • pas only
  • verhuizen to move
  • de plek the spot
  • ontvangen to receive
  • uitrusten to rest
  • de inrichting the furnishings
  • de vloerbedekking the full carpet
  • het spul the stuff
  • uitslutend exclusively
  • het tintje the shade
  • de invloed the influence
  • vertrouwd familiar
  • afhangen van to depend on
  • de omgeving the surroundings
  • veranderen to change
  • bepaald particular
  • de eigenaar the owner
  • gelijk hebben to be right
  • passen bij to match
  • ouderwets old-fashioned
  • het gedoe the fuss
  • de droom the dream
  • pakken to fetch
  • ondekken to discover
  • voldoende enough
  • bijzonder special
  • prachtig wonderful
  • het rijtjeshuis the row house
  • ruim spacious
  • geheel completly
  • doorlopen to pass through
  • de voorkant the front
  • algemeen general
  • aanduiden to point out
  • doorsnee average

All None

Shared exercise

https://spellic.com/eng/exercise/dutch-2-chapter-4.11224999.html

Share